CODA

dinsdag 16 maart 2010

Ding 14 Mediawijsheid

Sinds minister Plasterk begin 2008 aankondigde dat leerlingen op school meer en beter les behoren te krijgen over internet en het verantwoord gebruik ervan, neemt de betekenis van het begrip ‘mediawijsheid’ toe. Aan Openbare Bibliotheken en het onderwijs is een grote en belangrijke rol toegedicht om burgers (en dus ook kinderen) op een bewuste manier om te leren gaan met media. Televisie, radio, internet, maar ook de gedrukte media. Het Expertisecentrum Mediawijsheid dat door de minister is opgericht, vormt de bundeling van initiatieven en organisaties die zich op dit terrein actief opstellen.

Docenten worden gestimuleerd om in hun lessen aandacht te besteden aan dit thema, dat in de komende jaren aan belang zal winnen. Uiteindelijk gaat het erom leerlingen kritischer te laten kijken naar informatie die zij vinden op het internet, zien op televisie en horen op de radio. Dat zij vaardiger worden in het gebruik van internet en computers en beter leren zoeken naar informatie, maar ook dat zij zich bewust zijn van de mogelijke gevaren die op de loer liggen op Hyves en wat er met je gegevens kan gebeuren die je invult op een formulier op het web.




















Achtergrondinformatie
Dossier Mediawijsheid bij het Ministerie van OCW
Medialessen.nl brengt tientallen websites en kant-en-klare lesmaterialen samen. Deze website is een initiatief van stichting Kennisnet, stichting Mijn Kind Online en de Vereniging Openbare Bibliotheken.
Mediawijsheid in VO website met links, voorbeelden en ideeën verzameld bij Kennisnet
De kinderconsument.nl geeft workshops en biedt downloads aan over veilig(er) internetgebruik door kinderen

Opdrachten

  1. Schrijf een bericht waarin je jouw mening geeft over de rol van mediawijsheid als onderdeel van je werk binnen CODA
  2. Zoek eens naar weblogs over mediawijsheid


woensdag 3 maart 2010

DING 13 Veiligheid en privacy op internet

Spelen en werken met web 2.0 toepassingen is leuk, handig en als je wilt leer je er veel nieuwe mensen mee kennen. Een gebruikersaccount bij een sociaal netwerk als Hyves en Facebook, is zo gemaakt, foto’s van activiteiten zijn in no-time geüpload en een blogberichtje is in een paar minuten geschreven.


Toch is het goed om bij een aantal zaken stil te staan:

  1. Bepaal of je je bij web 2.0 websites wilt aanmelden met je echte voor/achternaam, je werkmailadres en je werkelijke geboortedatum en woonplaats. Dit zijn gebruikelijke vragen die je gesteld worden tijdens een aanmeldprocedure. Realiseer je dat anderen wel eens op je naam kunnen Googlen.
  2. Op elke computer met internettoegang heb je toegang tot je Web 2.0 sites. Werk je niet op je eigen computer, meld je na afloop dan altijd uit. Doe je dat niet, dan kan degene die na jou dezelfde site bezoekt jouw account gebruiken
  3. Gebruik voor de websites waar je persoonlijke dingen doet (bijv. je webmail, je foto’s) een goed en veilig wachtwoord. Voor websites waar je niet zo vaak gebruik van denkt te maken een andere, maar steeds dezelfde gebruikersnaam/wachtwoord combinatie. Voor je het weet heb je tientallen accounts!
  4. Zoals gezegd, aanmelden is zo gedaan. Maar hoe kom je weer van je account af? Zelden wordt die informatie gegeven, maar als je op Google zoekt met de termen ‘naamvandewebsite delete account’ kom je wel tips tegen
Achtergrondinformatie
Web 2.0: vooruitgang of gevaar? / Justine Pardoen op Mijnkindonline.nl
De wet op internet / Arnoud Engelfriet
Mijn Kind Online  website over internetgebruik door kinderen
Recensie van afstudeerscriptie "De jurisdische valkuilen voor de werknemers 2.0" van Mieke Kreunen door Annemarie van Essen
Stop identiteitsfraude website over deze steeds vaker voorkomende vorm van criminaliteit

Opdrachten

  1. Zoek op Google naar je naam (gebruik aanhalingstekens zoals “jan jansen” of “juf pietersen”). Ben je al onderwerp van gesprek geweest op een weblog, een Hyvespagina of forum?
  2. Schrijf een bericht over dit onderwerp op je weblog.

Uiteraard noem je géén voor anderen herkenbare situaties of namen. En maak het niet té persoonlijk.